
ik moet al drie kwartier plassen
maar het is zo leuk met jou

ik moet al drie kwartier plassen
maar het is zo leuk met jou

ik ben blij dat ik me al zo vaak vergist heb
(niet hij, wel hem)

ik wil nog

dit is heel erg nieuw land
maar het zijn de mooiste kleuren

mijn rok spant maar
mijn leven niet

schrijven als een beverig zelfportret met Parkerpen

gestaag talmen
zo komen we dichter bij elkaar

ik ben een vol bundeltje mens

ik ben geen domme gans
als je mijn liefde niet wil
ga ik ze niet door je strot rammen

we hebben allebei een gele muts
maar zij heeft ook hem

eigenlijk toch zot dat onze huid waterdicht is
(is dat omdat tranen anders niet zouden kunnen stromen)

ja, ik wil meer
minder doet zeer

wordt het zo’n dag
waarop ik in lui zelfbehoud
naast het nieuws kijk,
beslis enkel de schoonheid te zien

dat er na het strompelen wel weer een glijbaantje komt.
en misschien zelfs een zacht duwtje en een opvangen.

wat vraag je veel van me
door zo weinig te geven