
we’re all headed for the abyss
at least let me pick the one
with flowers at its edges

we’re all headed for the abyss
at least let me pick the one
with flowers at its edges

mijn moed zit in mijn benen en tenen
ze bewegen naar jou

het is graven om je te ontdekken
ik denk dat je een hele stad bent

ik zou graag eens niet alles
in het begin proppen

ik ben een gulzige maar
gulzig kan niet genieten

misschien moet ik de rest van de sigaretten houden
voor als ik je nog eens zie
– stoppen met roken

je bent de ene deur na de andere
en allemaal waren ze eerst op slot

we zijn zo slordig met elkaar,
al dat verstoppen
en dan verschieten
als we elkaar niet meer vinden

stil maar lijfje,
hij is het niet waard

ik spreek geen stilte
en al zeker niet de jouwe

als ik vraag,
vraag ik om de grote waarheden
niet de kleine

zouden bomen soms zenuwachtig zijn?

het ziet ernaar uit dat,
als ik mijn hart volg,
jij de weg kwijtraakt.

ik was zo afgeleid door de mooie huisjes dat ik niet zag
dat je een doodlopend straatje bent

dat ik een wenk van hem nodig heb om te weten
dat we met twee naar elkaar toe willen stuntelen.