
dat lijfje met haar grenzen en toch –
geen limiet aan wat er binnen kan

dat lijfje met haar grenzen en toch –
geen limiet aan wat er binnen kan

de hemel streelt alles alleen jij doet het zachter

ik wil je huid bedruppelen
met alles wat ons bindt

ik wil je lijf bestippelen met liefkozingen

het jonge meisje scant haar huid op imperfecties –
hoe weinig we van schoonheid weten
als ze ons nog gratis wordt gegeven.

en ik kan in jou niet verdragen
waar anderen bij mij over klagen

haal me open
met zachte woorden

denk je aan mij
in je stiltes

mooi afscheid –
iets breken zonder het kapot te maken

ik zie anders graag
snij liever in mijn eigen vel
dan in dat van een ander

ach het is zo’n immense wens,
“geliefde”

verdriet is gewoon ineens
het gewicht van geluk voelen

het kiezen voor elkaar
met je volle gewicht

ik ga je nooit meer vergeten
ik heb ons luidop gewenst

in echt leven zit altijd een beetje sterven