
liefde kijkt verdriet in de ogen en zegt:
“wat ben ik blij dat je hier bent.
in je blik zie ik mezelf weerspiegeld.”

liefde kijkt verdriet in de ogen en zegt:
“wat ben ik blij dat je hier bent.
in je blik zie ik mezelf weerspiegeld.”

de rede is een bullebak voor verdriet
hij zegt: “jij mag hier helemaal niet zijn,
jij bent te groot en pakt te veel plaats in.”
liefde zegt tegen verdriet: “wat ben ik blij dat je hier bent.
hoe groter jij bent, hoe groter ik mag zijn.”

verdriet heeft vele gezichten
ook lachende

wat een kracht jij mooie man
zelfs in je donkerte gaf je me licht

er zijn er aan wie ik me wel wil verbranden

we hebben allebei de diepte weggestoken
en dan zijn we erin verdronken

het leven gaf je te veel knopen
voor twee handen om te ontwarren

ik heb een mooie man verloren deze week
en het enige dat ik kan denken is
meer liefde

je was op
de enige stap die je nog kon zetten
was uit dit leven

het is een mooi schrikken
het is een mooi snikken
ik verschiet in mijn verdriet
van hoe graag ik je zie

de beloftes die ik krijg en
de beloftes die ik nodig heb –
hoe die niet altijd overlappen

ik: morsig
jij: dorstig

protesteren als het eren
van onze collectieve tederheid

het is hier heerlijk vol
zelfs niets is iets
zelfs niets heeft een naam

soms kruip ik in mijn wonden
soms vind ik er jou