
ik vraag me af waar mijn verdriet zit.
of het daar genoeg ruimte heeft. bezoek.

ik vraag me af waar mijn verdriet zit.
of het daar genoeg ruimte heeft. bezoek.

de weg van mijn gebreken
daar ben ik nog nooit van afgeweken
en als je me nu eens zou wijzen
op het schone

jij bent een ijsje en ik
lik liefde

was mijn lichaam een huis
dan moet sinds je vertrek
het dak hersteld worden
ik lek

ik vind het zo moeilijk om naar mijn verdriet te kijken
het water is verblindend

soms is liefde ook laten,
als je ziet dat er veel geluk zit
in het ander gekozen leven

en je probeert de ander te lezen, alsof het je eigen dagboek is.
alsof hij niet zijn eigen taal heeft die je nog niet spreekt.

ik struikel vollenbak over mijn kwetsbaarheid
het zijn mooie blauwe plekken

het is altijd dezelfde vraag:
wat er gebeurt met mij, door jou
waar ga ik daarmee naartoe

zoveel laagjes realiteit
in één kamer met jou

ik kan niet meer in je ogen kijken
als ik op je val

je hebt iets in mij in gang gezet
waardoor het heel moeilijk wordt om je te zien
want ik struikel de hele tijd over mezelf

waarom jij
en weet ik wel
wat jij betekent

de onrust
en ik wil dat je bij mij komt
ik wil je ogen

ik probeer niet vast te klampen
maar zie niet altijd heel goed wat dat betekent
door de tranen heen