
de kunst is om je te morsen
bij hen die je niet willen opkuisen

de kunst is om je te morsen
bij hen die je niet willen opkuisen

als de realiteit slaapt
worden mijn dromen wakker

nog eens proberen binnen kijken door troebele ramen.

ik wil het wel riskeren, de afwezigheid van zwart-wit.
het zijn nooit mijn kleuren geweest.

ben benieuwd bij wie ik nog mooi ga landen.

verdriet dat niet altijd een weg naar buiten vindt.
dan blijft het haperen in mijn hart.

toe, kom maar staan tussen mij
en mijn herinneringen
(zwier me in het hier)

tip van de dag –
geef kusjes op je knieën

je moet de shit eerst laten passeren
voor je ze kan doorspoelen

je kan maar mooi in het leven staan
door af en toe te gaan liggen

het wonder zit in de chaos en de overgave denk ik.
in het vertrouwen.

Gisteren had ik een heel mooi maar moeilijk gesprek met mama. Ze vertelt me de laatste tijd af en toe hoe moeilijk ze het soms vindt, ouder worden. Minder kunnen doen, dingen vergeten en dan de schrik voor dementie, of om alleen te vallen. Iedere keer dat ze dat met me deelt, heb ik de neiging om subito presto in relativeermodus te schieten. “Maar kijk eens wat je wél nog allemaal kan, en trouwens de zon schijnt en we zijn er nog. Het leven is zo mooi liever positiever, hoera!”

tip voor een zacht leven –
laat af en toe de schouders wat hangen,
wie weet valt er zo wat gewicht af

we zijn met z’n allen heel goed geworden
in het ghosten van elkaars verdriet
als in: als ik het negeer
dan is het er niet

we vinden het zo moeilijk,
het verdriet van een geliefde ontmoeten
terwijl het eigenlijk gewoon vraagt om je voor te stellen
en er even bij te komen zitten